Skip to content

Latest commit

 

History

History
60 lines (42 loc) · 5.51 KB

File metadata and controls

60 lines (42 loc) · 5.51 KB

Vergelijking Linked Pasts Ontology (LPO) vs Place Attestation Ontology (PLATO)

Bronnen

  • LPO, versie 1.1: https://github.com/LinkedPasts/linked-pasts-ontology/blob/main/lpo_latest.ttl
  • PLATO, versie 0.1.0-draft: https://github.com/pelagios/place-attestation-ontology/blob/main/ontology.ttl
  • NL-LP (GEOopTIJD), versie 0.1: https://geonovum.github.io/geooptijd/ (gebaseerd op LPO, versie 1.1)

Korte conclusie

Ze staan niet los van elkaar, maar ze zijn ook geen twee varianten van hetzelfde. Ze delen dezelfde herkomst en hetzelfde probleemdomein, maar hanteren een fundamenteel andere modelleer-architectuur. PLATO positioneert zich zelfs expliciet als de opvolger van precies datgene waar LPO voor gemaakt is. Zie ook de discussie (Rethinking WHG Contribution, Reconciliation, and Authority Integration)[WorldHistoricalGazetteer/place#98] bij de World Historical Gazeteer.

Gemeenschappelijke herkomst

Dit zijn geen concurrenten uit verschillende werelden.

  • LPO (Linked Pasts Ontology, namespace linkedpasts.org/ontology#) is de kleine work-in-progress ontologie van Richard Light (versie 1.1, gestart maart 2020), bedoeld om de formats Linked Places (LPF) en Linked Traces te ondersteunen. Er is ook een v2.0 draft (lpo_draft_9aug.ttl) van Karl Grossner, hier heb ik niet naar gekeken.
  • PLATO (Place Attestation Ontology, namespace w3id.org/plato#) is van Stephen Gadd / de Pelagios Network Place Working Group (ISHI, University of Pittsburgh), versie 0.1.0-draft van februari 2026. De ontologie-declaratie stelt letterlijk dat PLATO het WHG v4 datamodel formaliseert en dat het de Linked Places Format (LPF) en Linked Traces verenigt en vervangt.

Met andere woorden: LPO is de ontologie achter de formats die PLATO wil opvolgen. Beide komen uit dezelfde Linked Pasts / Pelagios-hoek en beschrijven hetzelfde: historische plaatskennis als attestaties (bewijs-gebonden beweringen over namen, types, locaties en relaties van plaatsen door de tijd heen).

Concrete overeenkomsten

  • Het centrale begrip Attestation zit in beide. LPO erft het rechtstreeks van LAWD (lawd:Attestation) met subklassen NameAttestation, TypeAttestation, RelAttestation en LinkAttestation. PLATO heeft een generieke plato:Attestation.
  • Timespan is in beide een subklasse van time:ProperInterval uit de W3C Time Ontology. Een opvallend directe overeenkomst.
  • Beide leunen op PeriodO voor benoemde historische periodes (LPO via PeriodDefinition, PLATO via de Period-authority).
  • Beide hebben expliciete certainty / zekerheid op attestaties.
  • Beide kennen een toponym-property (de eigenlijke naamstring), bron-attributie en plaats-tot-plaats-relaties (relation_type / relation_to in LPO, has_relation_type / relates_to in PLATO).
  • Beide gebruiken FOAF en richten zich op gazetteer-achtige, geografisch-historische data.

Fundamentele verschillen

Dimensie LPO PLATO
Rol van de attestatie Aanvullende constructie, gehangen aan een plaats bovenop een GeoJSON Feature-structuur Centraal first-class knooppunt: een bundel die Thing, Name, Geometry, Timespan, Type en Authority verbindt
Attestatie als graaf-element Eerder een edge / bijlage Een node, geen edge; draagt zelf alleen metadata
Onderliggende vocabulaires LAWD, GeoJSON / GeoJSON-T, CIDOC-CRM PROV-O, GeoSPARQL, SKOS, DCAT
Provenance Beperkt Volledige provenance-keten; Thing en Attestation zijn subklassen van prov:Entity
Omvang Circa 130 regels, ongeveer 4,7 KB, bewust een schets Circa 1650 regels, ongeveer 63 KB
Doel / laag Semantiek achter een serialisatieformaat (LPF / LTF) Volwaardig grafenmodel dat een database (WHG v4) onderbouwt

Machinerie die alleen PLATO heeft

  • Meta-attestaties (meta_attestation_about, has_meta_type): attestaties kunnen elkaar tegenspreken, steunen, vervangen of verfijnen. Zo modelleer je historiografisch debat, niet alleen wat bronnen zeggen.
  • Identity relations en Candidates: een apart mechanisme om te stellen dat twee Things dezelfde entiteit zijn (exactMatch / closeMatch / related), met een lifecycle van algoritmisch voorstel naar menselijke bevestiging.
  • Een expliciet onderscheid tussen uncertainty (epistemisch), fuzziness (ontologisch) en relativity (relatief gedefinieerd) als orthogonale concepten, met bijbehorende properties (relative_to, relative_bearing, relative_distance).
  • Rijke Name-properties: language, script, name_type, romanized, transliteration_system, IPA, zelfs vector-embeddings voor fonetisch zoeken.
  • Governance-lagen: Gazetteer (subklasse van dcat:Dataset), GazetteerGroup, Contributor (met ORCID / ROR-aanbevelingen), Organization.

Samenvattend

Ze liggen dicht bij elkaar qua domein, community en enkele kernkeuzes (attestatie-begrip, Time-ontologie, PeriodO), maar ze zijn fundamenteel anders in architectuur en ambitie. Zie ze als twee generaties in dezelfde lijn: LPO als de lichte, formaat-ondersteunende voorloper, en PLATO als de veel zwaardere, provenance-centrische opvolger die attestatie tot het hart van het model maakt en LPF / Linked Traces expliciet wil vervangen. Het is dus geen "A of B"-keuze tussen gelijkwaardige alternatieven, maar eerder een evolutie.

Vervolgstap

Het Nederlands profiel voor Linked Places (NL-LP) bouwt voort op LPO, versie 1.1. De controlevraag ligt voor of dit de juiste basis is of dat er meer toekomst en stabiliteit in PLATO zit. @rjstapel gaat hierover met de World History Center (University of Pittsburgh) in gesprek.